Een goeie dag

kinderen op lesvos

Vandaag is het een goeie dag. We hebben veel gedaan en ik heb het gevoel dat we inmiddels een beter overzicht van de situatie hebben.

Onze dag begint in het noorden, daar waar alle boten aankomen op het strand, overal liggen bergen zwemvesten en mensen beginnen hier nog vol goede moed aan een heftige wandeltocht. Ik kan het nu nog steeds maar moeilijk bevatten, maar hier komen zo’n 50 tot 60 boten per dag aan. Het lijkt wel een oorlogsgebied, ondanks de vrolijk zwaaiende families, vriendengroepjes en jonge stellen die langs de kant van de weg lopen. Op het strand barst ik in huilen uit. Ik denk dat dit komt omdat ik gisteravond al en glimp heb opgevangen van wat ze nog te wachten staat. En dit is pas het begin.

Na een kort bezoek aan transitkamp Oxy, de plek waar mensen even bij kunnen komen van de heftige bootreis en iets te eten of medische hulp krijgen – Adil en Marnix maken zich hier hard voor – maken we plannen en reizen we door naar Kara Tepe, een registratiekamp voor de Syrische vluchtelingen waar alles prima geregeld lijkt te zijn. Heel fijn om te zien dat het dus wel kan.

Maar er gebeuren meer mooie dingen vandaag. Zo ontdekken we een loods waar iedereen spullen en kleding kan ophalen om uit te delen. Ik pak spullen voor vrouwen en kinderen en probeer me in te leven in hun situatie: stel je voor dat je op reis bent en je weet niet waar je terecht komt. Je hebt geen geld, je hebt geen spullen meer, je bent nat en ’s nachts is het ijskoud. Luiers voor je baby heb je niet, maandverband voor jezelf al helemaal niet. Je mag al blij genoeg zijn als Steffi de Pous boterhammen en blikjes bonen uitdeelt.

Terwijl Steffi en consorten de Afghanen van eten voorziet, loop ik een rondje over de andere kant van kamp Moria. Oftewel: de Syrische kant. Er is warm eten, de wc’s zijn oké en er staan veel tenten. Het is nog steeds geen Camping De Lievelinge, maar toch. Hoezo kan het hier wel en aan de Afghaanse kant niet? Aan de die kant is namelijk geen wc te bekennen, wordt alleen door Because We Carry eten uitgedeeld en staan er geen tenten met logo’s van de grote hulporganisaties. Hierdoor is het één grote bende en slapen mensen vaak nachtenlang op de grond. En geloof me of niet, dat zijn zelfs kinderen en baby’s. Waarom? Omdat Afghanen geen politieke vluchtelingen zijn. Maar zijn Aghanen dan ook niet gewoon mensen? Ik zie daar geen verschil tussen! Een koude baby zonder sokken en een hele vieze luier is nog steeds een koude baby, Afghaans of Syrisch.

Naarmate de avond vordert neemt de hopeloosheid toe. Het is koud, kinderen kunnen niet slapen en men vraagt om kleding en dekens. De situatie hier is zo schrijnend en daarom is het goed dat Adil, Duncan, Mirjam en Menco deze week een belangrijk gesprek hebben met de bestuurders van het eiland. Hopelijk weten we dan waarbij we mogen helpen. Mochten ze ons nou niet willen, dan hebben we altijd nog een plan b. Ik maak me in ieder geval geen zorgen of dat hier wel genoeg te doen is. Ik maak me liever zorgen over een humanere manier van opvangen.

Laat een bericht achter:

Jouw emailadres wordt niet weergegeven

Site Footer